Boekrecensie
The Arena - Rafi Kohan (2017)
'The Arena' beschrijft vele aspecten Amerikaanse sportcultuur en publieksbeleving
Sportjournalist Rafi Kohan reisde een jaar lang langs vele stadions in de Verenigde Staten om dat verhaal te schrijven. De wedstrijd was bijzaak voor hem. Kohan wilde de beleving zien, de economie, de marketing en alle mensen rond het gebouw. Herhaaldelijk hoort hij stadionmedewerkers verzuchten: ”Sportwedstrijden doen me niets meer.”. Niet dat de liefde voor de sport verdwenen is, maar door hun beroepsdeformatie zijn ze veel te snel afgeleid door de omgeving. Ze mopperen over de kwaliteit van het gras, de verlichting, de bedrading of de organisatie van de catering en zijn daardoor niet het beste gezelschap voor familie of vrienden op de tribune. Ze zijn gegrepen door hun werk. Deze vakmensen en vele bezoekers komen aan het woord in 'The Arena'. Kohan schreef elf essays over aspecten van de Amerikaanse stadions, waarbij hij literatuuronderzoek deed en vele gesprekken voerde. Het resultaat is een prettig leesbaar en leerzaam sfeerbeeld van de Amerikaanse sportcultuur en haar gebouwen.
Traditie
Voor ieder hoofdstuk gaat Kohan naar één stadion met als startpunt Green Bay, dat in verhouding qua grootte is te vergelijken met Staphorst, Bergeijk of Vianen in Nederland. Toch zijn de plaatselijke Packers het succesvolste American Footballteam (NFL) met een jarenlange traditie. Ook zijn zij eigendom van de supporters en daarmee het enige non-profitteam in de Verenigde Staten, dat alle fusies en reorganisaties in deze sport glorieus overleefde. Stadion Lambeau Field is een pelgrimsoord voor footballfans, dat de legendes Vince Lombardi en Brett Favre voortbracht. Sinds 1960 zijn alle duels uitverkocht, terwijl de wachtlijst voor seizoenkaarthouders veel groter is dan de huidige capaciteit van ruim zeventigduizend toeschouwers.
Om gevoel voor de Packers krijgen, neemt Kohan de lezer uren voor een wedstrijd mee naar de barbecuende fans op de parkeerplaats ('tailgaters') om zich daarna op de tribune te laten dopen door de zelfbenoemde 'Mayor' van het stadion. Op het vergelijkbaar traditionele Wrigley Field mopperen fans van de Chicago Cubs (MLB) over de installatie van enorme videoschermen die afbreuk doen aan de historische charme. In de jaren tachtig klaagden zij om dezelfde reden over de komst van reclameuitingen en joelden in de richting van het elektronisch scorebord.
Consumentisme
De Packers en de Cubs ademen de traditie van de sport uit. Als tegenwicht reist Kohan in het volgende hoofdstuk naar Arlington, waar het AT&T Stadium van de Dallas Cowboys (NFL) het ultieme voorbeeld is van consumentisme in de sport. Daar is de wedstrijd bijna een hinderlijke onderbreking van het feest in en rond het stadion. Alles is daar gesponsord en te koop, maar Kohan toch had daar het meeste plezier op zijn trip vanwege de Las Vegas-achtige Disneyficering van het amusement, waar alle bezoekers zich vol enthousiasme aan overgeven. Ondanks verlies van de Cowboys feesten ze verder bij de concerten, die volgen na de wedstrijd. De nederlaag is direct vergeten.
Daarnaast is datzelfde AT&T Stadium een mooi voorbeeld van de wurggreep van de sport op het stadsbestuur. De gekozen burgemeester kan zich zeer impopulair maken als hij verantwoordelijk is voor het vertrek van een sport uit zijn stad. De rijke eigenaren van de franchises spelen daarop in bij de financiering van nieuwe stadions, die de afgelopen jaren in de VS zijn gebouwd. Cowboys-baas Jerry Jones schermde met een verhuizing naar het centrum van Dallas, waarop de gemeente Arlington alsnog een potje wist te vinden met de geëiste driehonderd miljoen dollar om een nieuw onderkomen voor de ploeg te bouwen. De inwoners van Miami-Dade County hebben minder geluk. Hun stad leende vijfhonderd miljoen ter financiering van het Marlins Park (MLB) in 2009, maar de inwoners mogen vrezen dat de kosten van de rente en afbetaling kunnen oplopen tot twee miljard. Economen constateren dat de overheid bij zulke deals vrijwel altijd veel geld verliezen. ”Zet maar uit je hoofd, dat dit een investering is.”, vertelt een deskundige. ”Dit is een uitgave, zoals een operagebouw of een openbare golfbaan.”
Zelf zegt Kohan in een interview: ”Ik ben tijdens mijn onderzoek voor het boek tot de overtuiging gekomen dat een stadion geen economisch voordeel oplevert. Uiteraard kunnen ze in bepaalde sectoren werkgelegenheid opleveren, maar, vanuit een macroeconomische standpunt gezien, bieden ze geen winst. Dat mag niet het argument zijn voor de bouw.”
Multifunctionele stadions
Verderop in het boek ruimt Kohan een hoofdstuk in voor het stadionbeheer van diverse multifunctionele complexen in New York. Daarvoor brengt hij enkele dagen door in het Prudential Center, waar afwisselende de ijshockers van de Devils en de basketballers van de Pirates spelen, om het logistieke proces van op- en afbouw tussen beide sporten mee te maken. Ook gaat Kohan naar het Met Life Stadium van de Giants en de Jets, de twee NFL-teams uit New York City. Behalve de clubkleuren moet het personeel ook het kunstgras na ieder duel omwisselen aangezien beide clubs een eigen ondergrond met logo hebben. Tenslotte bezoekt hij Citi Field van de Mets (MLB), waar het management de concurrentie met de veel grotere Yankees aangaat met een superieure catering.
Kohan heeft zijn boek levendig gemaakt door niet alleen op kantoordagen op bezoek te gaan bij het management of tijdens wedstrijden op de tribune te zitten. In iedere hoofdstuk mixt hij anecdotes en resultaten van onderzoeken met conversaties met talloze toeschouwers, stadionmedewerkers en andere betrokkenen om de sfeer te schetsen. Regelmatig is hij het middelpunt van de actie. In Atlanta voegt hij zich bij de crew van groundsman Ed Mangan van de Braves (MLB), die tevens verantwoordelijk is voor het veld tijdens de Super Bowl (NFL). Mangan is het type dat een nagelvijl bij zich heeft om zijn grasmat te perfectioneren. Hij blijkt een perfectionist, die bijvoorbeeld thuis altijd The Weather Channel aan heeft staan en het uiterste vraagt van zijn medewerkers.
Ticketverkoop
Daarnaast dompelt de schrijver zich in de semi-illegaliteit van de tickethandel op straat. Dagen loopt hij mee met de bijna folkloristische activiteiten van de zwarthandelaren, die uit het zicht van de politie maar in het zicht van belangstellende sportfans moeten blijven. In Europa is de doorverkoop verplaatst naar internet en ook in de VS maken StubHub en andere digitale markten het de 'scalpers' erg moeilijk, maar Kohan spoorde ze op en liep een aantal dagen met hen mee om de kneepjes van het vak te horen. De zwarthandel blijkt intern verrassend goed georganiseerd met ongeschreven regels, werkt ook online via mobieltjes, terwijl de handelaren samen het land rondreizen op zoek naar drukbezochte evenementen.
Bijzondere verhalen
Speciale aandacht krijgt de Astrodome in New Orleans, dat in 1965 het eerste overdekte sportstadion ter wereld was. Veertig jaar later was de thuisbasis van de Saints (NFL) tot orkaan Kathryna de stad verwoeste en circa vijfentwintigduizend inwoners het stadion als evacuatieplek gebruikten. Wat bedoeld was voor een nacht om de storm uit te zitten, duurde door de overstromingen bijna een week, waarin een gebrek ontstond aan water, voedsel en hygiëne. De Astrodome gold daarop zelf als rampgebied. Na het vertrek van de ontheemden bleef een sportruïne over. De stad maakt het stadion tot symbool voor de wederopbouw. Een jaar na de vernielingen kwamen de New Orleans Saints, jarenlang succesloos, terug om voor een vol, emotioneel stadion te winnen en vier jaar later onder massale steun van de bevolking zelfs de Super Bowl te winnen. Kohan heeft echter ook oog voor de, meestal zwarte, slachtoffers die een week in de Astrodome vastzaten. Zij zijn nooit echt geholpen.
Later mag Kohan, met het angstzweet druipend op zijn rug op, assisteren bij the Amazing Sladek, een acrobaat, die als pauzenummer voor de NBA bij de grote wedstrijden op een bouwwerk van stoelen klimt. In dat hoofdstuk over amusement in het stadion ontmoet hij ook diverse mascottes en de Master of Fun van de Kansas City Royals (MLB). Deze Don Costante mocht tien jaar geleden de sfeeracties vanuit zijn basketballervaring overbrengen op de sportief nauwelijks verwende Royalsfans om deze nog wat amusement te bieden in het Kauffman Stadium. Constante kreeg de vrije hand tot de Royals in 2014 de play-offs en zelfs de World Series bereikten om deze een jaar later zelfs te winnen. Sindsdien heeft Constante steeds de goedkeuring van het management nodig voor zijn fanentertainment. ”Laten we stoppen met alle onzin en de nadruk leggen op baseball.”, vond de leiding tijdens de sportieve successen. De Master of Fun betreurt dit. ”Ik weet zeker dat de Royals na verloop van tijd weer gaan verliezen en dan mag ik weer opdraven.” Winnen tegenover entertainment. Volgens Constante hoort dat samen te gaan. Overigens is de hardlooprace tussen de hotdog-mascottes ieder weekend een blijvertje in Kansas. Ketchup nam dit seizoen de titel over van Mustard. Deze mascottes van het stadion zijn tegenwoordig zelf beroemdheden.
Titel: The Arena
Auteur : Rafi Kohan
Liveright PLC
401 pagina’s
€ 25
NFL = Football
MLB = Baseball
MBA = Basketball
Sportjournalist Rafi Kohan reisde een jaar lang langs vele stadions in de Verenigde Staten om dat verhaal te schrijven. De wedstrijd was bijzaak voor hem. Kohan wilde de beleving zien, de economie, de marketing en alle mensen rond het gebouw. Herhaaldelijk hoort hij stadionmedewerkers verzuchten: ”Sportwedstrijden doen me niets meer.”. Niet dat de liefde voor de sport verdwenen is, maar door hun beroepsdeformatie zijn ze veel te snel afgeleid door de omgeving. Ze mopperen over de kwaliteit van het gras, de verlichting, de bedrading of de organisatie van de catering en zijn daardoor niet het beste gezelschap voor familie of vrienden op de tribune. Ze zijn gegrepen door hun werk. Deze vakmensen en vele bezoekers komen aan het woord in 'The Arena'. Kohan schreef elf essays over aspecten van de Amerikaanse stadions, waarbij hij literatuuronderzoek deed en vele gesprekken voerde. Het resultaat is een prettig leesbaar en leerzaam sfeerbeeld van de Amerikaanse sportcultuur en haar gebouwen.
Traditie
Voor ieder hoofdstuk gaat Kohan naar één stadion met als startpunt Green Bay, dat in verhouding qua grootte is te vergelijken met Staphorst, Bergeijk of Vianen in Nederland. Toch zijn de plaatselijke Packers het succesvolste American Footballteam (NFL) met een jarenlange traditie. Ook zijn zij eigendom van de supporters en daarmee het enige non-profitteam in de Verenigde Staten, dat alle fusies en reorganisaties in deze sport glorieus overleefde. Stadion Lambeau Field is een pelgrimsoord voor footballfans, dat de legendes Vince Lombardi en Brett Favre voortbracht. Sinds 1960 zijn alle duels uitverkocht, terwijl de wachtlijst voor seizoenkaarthouders veel groter is dan de huidige capaciteit van ruim zeventigduizend toeschouwers.
Om gevoel voor de Packers krijgen, neemt Kohan de lezer uren voor een wedstrijd mee naar de barbecuende fans op de parkeerplaats ('tailgaters') om zich daarna op de tribune te laten dopen door de zelfbenoemde 'Mayor' van het stadion. Op het vergelijkbaar traditionele Wrigley Field mopperen fans van de Chicago Cubs (MLB) over de installatie van enorme videoschermen die afbreuk doen aan de historische charme. In de jaren tachtig klaagden zij om dezelfde reden over de komst van reclameuitingen en joelden in de richting van het elektronisch scorebord.
Consumentisme
De Packers en de Cubs ademen de traditie van de sport uit. Als tegenwicht reist Kohan in het volgende hoofdstuk naar Arlington, waar het AT&T Stadium van de Dallas Cowboys (NFL) het ultieme voorbeeld is van consumentisme in de sport. Daar is de wedstrijd bijna een hinderlijke onderbreking van het feest in en rond het stadion. Alles is daar gesponsord en te koop, maar Kohan toch had daar het meeste plezier op zijn trip vanwege de Las Vegas-achtige Disneyficering van het amusement, waar alle bezoekers zich vol enthousiasme aan overgeven. Ondanks verlies van de Cowboys feesten ze verder bij de concerten, die volgen na de wedstrijd. De nederlaag is direct vergeten.
Daarnaast is datzelfde AT&T Stadium een mooi voorbeeld van de wurggreep van de sport op het stadsbestuur. De gekozen burgemeester kan zich zeer impopulair maken als hij verantwoordelijk is voor het vertrek van een sport uit zijn stad. De rijke eigenaren van de franchises spelen daarop in bij de financiering van nieuwe stadions, die de afgelopen jaren in de VS zijn gebouwd. Cowboys-baas Jerry Jones schermde met een verhuizing naar het centrum van Dallas, waarop de gemeente Arlington alsnog een potje wist te vinden met de geëiste driehonderd miljoen dollar om een nieuw onderkomen voor de ploeg te bouwen. De inwoners van Miami-Dade County hebben minder geluk. Hun stad leende vijfhonderd miljoen ter financiering van het Marlins Park (MLB) in 2009, maar de inwoners mogen vrezen dat de kosten van de rente en afbetaling kunnen oplopen tot twee miljard. Economen constateren dat de overheid bij zulke deals vrijwel altijd veel geld verliezen. ”Zet maar uit je hoofd, dat dit een investering is.”, vertelt een deskundige. ”Dit is een uitgave, zoals een operagebouw of een openbare golfbaan.”
Zelf zegt Kohan in een interview: ”Ik ben tijdens mijn onderzoek voor het boek tot de overtuiging gekomen dat een stadion geen economisch voordeel oplevert. Uiteraard kunnen ze in bepaalde sectoren werkgelegenheid opleveren, maar, vanuit een macroeconomische standpunt gezien, bieden ze geen winst. Dat mag niet het argument zijn voor de bouw.”
Multifunctionele stadions
Verderop in het boek ruimt Kohan een hoofdstuk in voor het stadionbeheer van diverse multifunctionele complexen in New York. Daarvoor brengt hij enkele dagen door in het Prudential Center, waar afwisselende de ijshockers van de Devils en de basketballers van de Pirates spelen, om het logistieke proces van op- en afbouw tussen beide sporten mee te maken. Ook gaat Kohan naar het Met Life Stadium van de Giants en de Jets, de twee NFL-teams uit New York City. Behalve de clubkleuren moet het personeel ook het kunstgras na ieder duel omwisselen aangezien beide clubs een eigen ondergrond met logo hebben. Tenslotte bezoekt hij Citi Field van de Mets (MLB), waar het management de concurrentie met de veel grotere Yankees aangaat met een superieure catering.
Kohan heeft zijn boek levendig gemaakt door niet alleen op kantoordagen op bezoek te gaan bij het management of tijdens wedstrijden op de tribune te zitten. In iedere hoofdstuk mixt hij anecdotes en resultaten van onderzoeken met conversaties met talloze toeschouwers, stadionmedewerkers en andere betrokkenen om de sfeer te schetsen. Regelmatig is hij het middelpunt van de actie. In Atlanta voegt hij zich bij de crew van groundsman Ed Mangan van de Braves (MLB), die tevens verantwoordelijk is voor het veld tijdens de Super Bowl (NFL). Mangan is het type dat een nagelvijl bij zich heeft om zijn grasmat te perfectioneren. Hij blijkt een perfectionist, die bijvoorbeeld thuis altijd The Weather Channel aan heeft staan en het uiterste vraagt van zijn medewerkers.
Ticketverkoop
Daarnaast dompelt de schrijver zich in de semi-illegaliteit van de tickethandel op straat. Dagen loopt hij mee met de bijna folkloristische activiteiten van de zwarthandelaren, die uit het zicht van de politie maar in het zicht van belangstellende sportfans moeten blijven. In Europa is de doorverkoop verplaatst naar internet en ook in de VS maken StubHub en andere digitale markten het de 'scalpers' erg moeilijk, maar Kohan spoorde ze op en liep een aantal dagen met hen mee om de kneepjes van het vak te horen. De zwarthandel blijkt intern verrassend goed georganiseerd met ongeschreven regels, werkt ook online via mobieltjes, terwijl de handelaren samen het land rondreizen op zoek naar drukbezochte evenementen.
Bijzondere verhalen
Speciale aandacht krijgt de Astrodome in New Orleans, dat in 1965 het eerste overdekte sportstadion ter wereld was. Veertig jaar later was de thuisbasis van de Saints (NFL) tot orkaan Kathryna de stad verwoeste en circa vijfentwintigduizend inwoners het stadion als evacuatieplek gebruikten. Wat bedoeld was voor een nacht om de storm uit te zitten, duurde door de overstromingen bijna een week, waarin een gebrek ontstond aan water, voedsel en hygiëne. De Astrodome gold daarop zelf als rampgebied. Na het vertrek van de ontheemden bleef een sportruïne over. De stad maakt het stadion tot symbool voor de wederopbouw. Een jaar na de vernielingen kwamen de New Orleans Saints, jarenlang succesloos, terug om voor een vol, emotioneel stadion te winnen en vier jaar later onder massale steun van de bevolking zelfs de Super Bowl te winnen. Kohan heeft echter ook oog voor de, meestal zwarte, slachtoffers die een week in de Astrodome vastzaten. Zij zijn nooit echt geholpen.
Later mag Kohan, met het angstzweet druipend op zijn rug op, assisteren bij the Amazing Sladek, een acrobaat, die als pauzenummer voor de NBA bij de grote wedstrijden op een bouwwerk van stoelen klimt. In dat hoofdstuk over amusement in het stadion ontmoet hij ook diverse mascottes en de Master of Fun van de Kansas City Royals (MLB). Deze Don Costante mocht tien jaar geleden de sfeeracties vanuit zijn basketballervaring overbrengen op de sportief nauwelijks verwende Royalsfans om deze nog wat amusement te bieden in het Kauffman Stadium. Constante kreeg de vrije hand tot de Royals in 2014 de play-offs en zelfs de World Series bereikten om deze een jaar later zelfs te winnen. Sindsdien heeft Constante steeds de goedkeuring van het management nodig voor zijn fanentertainment. ”Laten we stoppen met alle onzin en de nadruk leggen op baseball.”, vond de leiding tijdens de sportieve successen. De Master of Fun betreurt dit. ”Ik weet zeker dat de Royals na verloop van tijd weer gaan verliezen en dan mag ik weer opdraven.” Winnen tegenover entertainment. Volgens Constante hoort dat samen te gaan. Overigens is de hardlooprace tussen de hotdog-mascottes ieder weekend een blijvertje in Kansas. Ketchup nam dit seizoen de titel over van Mustard. Deze mascottes van het stadion zijn tegenwoordig zelf beroemdheden.
Titel: The Arena
Auteur : Rafi Kohan
Liveright PLC
401 pagina’s
€ 25
NFL = Football
MLB = Baseball
MBA = Basketball
Gepubliceerd in het vaktijdschrift Sportaccom 4 - 2017 van Arko Sports Media.